#
Title
Time
Aa
Twee Emmertjes Water Halen
Ab
Ik Wou Zo Graag Een Ketting Breien
Ac
Alle Eendjes Zwemmen In Het Water
Ad
Schuitje Varen
Ae
We Maken Een Kringetje Van Jongens En Meisjes
Af
Hoedje Van Papier
Ag
Daar Zat Een Aap Op Een Stokje
Ah
Ik Zei Er Van Jaap
Ai
Jan Huygens In Een Ton
Aj
Torentje, Torentje Bussekruit
Ak
Hop Marianneke
Al
Zeg Ken Jij De Mosselman
Am
Schipper Mag Ik Overvaren
An
In Den Haag Daar Woont Een Graaf
Ao
Tussen Keulen En Parijs
Ap
Vinger In Roet
Aq
Zagen, Zagen Wiede Wiede Wagen
Ar
Heb Je Wel Gehoord Van De Zevensprong
As
Al In Een Groen, Groen, Groen Knolle Knolle Land
At
Klein, Klein Kleutertje
Au
Drie Kleine Kleutertjes
Av
Toen Onze Mop Een Mopje Was
Aw
Moriaantje Zo Zwart Als Roet
Ay
Olleke Bolleke Rubisolleke
Ba
Ik Zag Twee Beren
Bb
Ik Stond Laatst Voor Een Poppenkraam
Bc
Ik Heb Een Mooi Rond Spiegeltje Gevonden
Bd
Ik Ben Een Muzikantje
Be
Lieve Zus Dans Met Mij
Bf
Alles In De Wind
Bg
Zakdoekje Leggen
Bh
'K Moet Dwalen
Bi
In Holland Staat Een Huis
Bj
Groene Kralen Witte Zwanen
Bk
Altijd Is Kort Jakje Ziek
Bl
Berend Botje
Bm
Boer Wat Zeg Je Van Mijn Kippen
Bn
Wie Gaat Er Mee Naar De Berg Van St. André
Bo
Daar Liep Een Oude Vrouw Op Straat
Bp
Er Was Eens Een Vrouw Die Koeken Bakken Wou
Bq
Mevrouw Van Roozendaal
Br
Waar Is Jan Met De Bokkenwagen
Bs
Daar Kwam Ene Boer Uit Zwitserland
Bt
Blauwe Vingerhoed
Bu
Wie In Januari Geboren Is
Bv
O, Wat Zijn We Heden Blij
Bw
Lang Zal Zij Leven